Preek 4 december 2016, 2e Adventszondag

Bijbeltekst: Mattheüs 3: 1-12

A.  Vuur bij Johannes de Doper: inleiding

Johannes de Doper is bij de rivier de Jordaan. 

Mensen die willen, worden door hem gedoopt. 

En ter voorbereiding spreekt Johannes over de samenleving van die dagen;

Johannes zet zich daar tegen af,

hij roept mensen op nieuwe keuzes te maken,een nieuw begin, een doop. 

Daarbij vallen harde woorden: 

over bomen die worden omgehakt, al bij de wortels,

over takken die in het vuur geworpen wordenen verbranden.

Kan een niet een beetje vriendelijker, kun je dan gaan denken. 

Aan de andere kant: Er zijn in onze tijd mensen die met regelmaat TV en krant halen,

nationaal en internationaal,

uitsluitend gericht op eigen belang, welbewust zich afzettend tegen hun tegenstanders, 

ze zeggen het één,en u denkt: ik weet dat je iets heel anders bedoelt. 

En soms kan de gedachte opkomen: 

kunnen zulke mensen nu niet eens met vuur uit de hemelvan het toneel worden weggebrand,

kan zo’n boom nou niet eens geveld worden. 

De gedachten van Johannes,dat er in zijn tijd een aantal dingen grondig mis waren,

en dat alleen vanuit de hemel orde op zaken gesteld zou kunnen worden,

is ook voor onze tijd nog niet zó vreemd. 

Alleen, als iemand van de aarde zou worden verwijderd,

staan er binnen de korte keren weer anderen op

met dezelfde ideeën en met misschien een nog grotere mond.

B.  Centrale boodschap: komst van het Koninkrijk

Maar die woorden van Johannes over het vellen van bomenen verbranden met vuur

spreekt hij pas in tweede instantie. 

Het centrale dat hij wil zeggen, is iets anders.

Johannes de Doper heeft het gevoel dat er iets in de lucht hangt. 

Dat wat door de profeten voorzegd is, 

dat op brede schaal de heerlijkheid van het rijk van God zichtbaar zou gaan worden op aarde,

dat staat op het punt om te beginnen.

Johannes zegt in het woeste gebied bij de Jordaan:

Het koninkrijk van de hemel is vlak bij gekomen, is nabij, 

het zal ook op aarde voet krijgen. 

En daarom: keer u om, richt u op dat rijk dat komt, bereid u voor.”

Johannes zegt: Het rijk is genaderd, is vlakbij gekomen.

Hij zegt niet: Het is hier, bij mij, 

ik weet hoe het is, hoe het in elkaar zit, wat je precies moet doen.

Johannes houdt afstand:het rijk ís er nog niet, het is nabij. 

Op het moment dat mensen zeggen: bij mij, bij ons, is het koninkrijk,wij wéten het,

gaan dingen mis.

Dat blijkt in de geschiedenis telkens weerbij kerken en sekten.

Dat beschikt de leider of een groep leiders over de absolute waarheid, 

en de leden worden gedwongen die na te leven

en wie afwijkende opvattingen heeft wordt uit de gemeenschap verbannen. 

Johannes stelt: ik bereid slechts voor. 

Ik ben niet waard de sandalen te dragen van hem om wie het echt gaat.

Hier in het evangelie van Mattheüs wordt ook niet gesproken van ‘het koninkrijk van Gód’,

het staat er voorzichtiger ‘het koninkrijk van de hemel’, 

want met het woordje ‘God’ hebben mensen zoveel ongelukken begaan. 

De hemel is voldoende, met een sfeer die zozeer anders is dan wat gewoon is op aarde

Díe  hemelse sfeer komt naar de aarde, met de Messias die wordt gezonden.

Johannes wéét zelf niet alles, hééft de waarheid niet.

Maar hij gelooft:Er is iets zeer goeds aan het komen

De glorie van God zal op aarde getoond worden (Jes. 40: 5)

Johannes is als een bode met een bericht van vreugde,waarover Jesaja spreekt.

Het rijk van de hémel dat op áárde komtis een rijk dat vreugde brengt. 

Om in dat vreugdevolle rijk mee te doenlaten mensen zich dopen in de Jordaan. 

C.  Oproep tot omkeer

Dat rijk van de hemel op de aardezal met zich meebrengen 

dat mensen leven in verbondenheid met God

ze voelen God dichtbij 

en ze houden van hun kant rekening met God in alles wat ze doen,

ze zullen zich verantwoordelijk weten voor de mensen om hen heen. 

En de Messias die komt zal hun dit alles voorleven,laten zien in de praktijk.

Maar om zo te kunnen leven,zullen mensen zich ook aan moeten passen.

En daarom roept bij de Jordaan Johannes hen op:

Keer u om, draai bij, verander dingen in uw leven. 

En Johannes scherpt het aan: 

Het kan zijn dat u dingen moet verbranden in vuur,

dat u hardhandig afscheid moet nemen van wat u aangenaam vond om te doen. 

Om de verhouding tussen mensen in één huis beter te maken,

moét je soms met gewoonten breken, 

het kan zijn dat alleen radicaal afsnijden en in het vuur werpen werkt, 

omdat de verhoudingen met mensen die je lief zijn

nu eenmaal belangrijker zijn.

En ook om de verhouding met God te laten winnen aan diepgang

kan het zijn dat je dingen moet veranderen, 

tijd anders moet indelen, 

ruimte moet maken voor kerk, voor stilte, voor muziek, voor gebed

Vuur kan louterend en zuiverend werken. 

De gedachte kan soms opkomen,dat anderen maar eens met vuur gestraft zouden moeten worden,ik noemde dat in het begin,

en Johannes de Doper spreekt hier tot Farizeeërs en Sadduceeërs, 

maar de eerste vraag iswaar vuur goed zou zijn voor mij zelf,

wat er bij mij gereinigd moet worden,tot ons eigen welzijn.

D.  Vergelijking Johannes - Jezus

Johannes kondigt aanwat zal komen - een koninkrijk

en wie zal komen - de Messias.

Wanneer dan Jezus op gaat treden in het openbaar (4: 17) 

spreek hij exact dezelfde woorden als Johannes:

“Keer u om,want het koninkrijk van de hemel is gekomen.”

Dezelfde woorden,even eerbiedig over de hemel, maartoch ook met een verschil, 

want Johannes spreekt over een rijk dat aan het komen is,

en Jezus bevindt zich midden in dat rijk,is zelf het centrum van dat rijk. 

En ook wat betreft het vuur lijkt iets te verschuiven. 

Johannes zei dat wie na hem zou komen het kaf zou verbranden met onuitblusbaar vuur.

Maar Jezus ontsteekt geen vuur om iets of iemand te laten verbranden,

en laat geen vuur uit de hemel komen.

Geen inquisitie of iets dergelijks - God zij dank.

Jezus spreekt slechts figuurlijk over vuur (Joh. 15),

dat mensen in hun leven af moeten snijden wat verkeerd isen wat geen vrucht draagt

en dat dat in het vuur geworpen kan worden,

met als doel dat zij juist meer en betere vruchten voortbrengen.

Jezus roept mensen op, zoals Johannes,

spreekt over het verschil tussen goed en kwaad,Jezus oordeelt mensen, 

maar uiteindelijk veroordeelt hij niet anderen,maar wordt hij zelf veroordeeld.

Op een vreemde manier lijkt het vuur dat anderen zou moeten treffen

op hem zelf te recht te komen,het vuur slaat naar binnen. 

De Messias veroordeelt nietmaar lijdt zelf onder de zonden van anderen

zo blijft hij trouw aan zowel God als aan mensen

zo houdt hij God en mens verbonden,

zo geeft hij mensen leven en toekomst.

Wie na mij komt zal niet dopen met water, zoals ik, zegt Johannes,

maar zal dopen met heilige Geest en met vuur. 

Jezus zal komen met vuur,dat mensen aanzet om zichzelf te reinigen, 

maar hij zal ook geven vuur, dat gekoppeld is aan de heilige Geest.

Op Pinksteren schenkt hij de heilige Geest als vlammen van vuur.

En de Geest zal zijn als een vuur,

dat niet verbrandtmaar verwarmten dat mensen enthousiast maakt

Het vuur van de Geest verbrandt niet ánderen ineens

maar werkt langzaam in mensen zélf,

gaat met hen een lánge weg, om hen innerlijk om te vormen. 

De Geest verwarmt als een brandend vuur,

brengt de vreugde terug waarover Jesaja sprak,

de vreugde van het rijk van de hemel voor de aarde.

E.  Je instellen op de nabijheid van het Koninkrijk

Johannes de Doper stelt zich in op een nieuwe verhouding 

tussen God en mensenen tussen mensen onderling,

een nieuw rijk,uit de hemel gekomen naar de aarde. 

Het rijk komt, is vlak bij, maar het ligt buiten zijn vermogen om het precies te kunnen weten. 

Hij laat ruimte voor wie na hem komt, om te handelen met hemelse wijsheid.

Johannes vermoédt dat er iets nodig zal zijn met vuur 

om het oude achter te laten 

en toegang te krijgen tot het nieuwe rijk.

Het is goed, als wij met Johannes de Doper, 

ruimte laten voor het komen van Christus en de Geest,

dat wij dat niet willen vast leggen of weten,maar dat wij open staan om te ontvangen

Dat rijk dat komt uit de hemel voor de aarde

brengt met zich mee vuur, dat zuivert en mensen innerlijk warm maakt; 

en het brengt vóór al het andere een bepaalde sfeer, een gevoel, mee,

van de bode op de heuvel in Jesaja die met vreugde de komst van God aankondigt, een nieuwe tijd. 

Die sfeer van vreugde is er voor ieder die als bodegericht is 

op het komen van het rijk van God

voor Johannes de Doper

voor ons

Amen.