Artikelindex

 

HET HART VAN HET HUIS

In ‘Het Grote Poetsboek’ (2016) geeft Diet Groothuis veel tips op het gebied van schoonmaken in en om het huis. Zij voert o.a. een pleidooi voor klassieke schoonmaakmiddelen als soda, azijn en groene zeep. Met een beperkt aantal van zulke middelen kan volgens haar meer bereikt worden dan met een veelheid aan moderne schoonmaakmiddelen in flessen met kleurige etiketten, die vele malen duurder zijn.

In de inleiding van het boek stelt ze een vraag van een andere orde (p. 20): “Waar zit het hart in het huis? Heeft het huis eigenlijk wel een hart? Zo ja, waarom zit het daar?”

Het hart van het huis is dan de plek, waar het huis leeft en bruist, waar impulsen gaan naar de rest van het huis. Het hart zorgt voor samenhang in het huis, houdt het levend.

In vroegere tijd hadden huizen een vuurplaats: een plek waar het vuur brandde. Dat was een plek van warmte, eten bereiden, licht, gezelschap. Dat was het natuurlijke hart van het huis.

Waar zit het hart in moderne huizen? In de keuken, waar gekookt wordt en het eten bereid wordt? Of is het hart de hangbank of de leesstoel, waar je lekker jezelf bent? Is het de ruimte rond de televisie? Of is het de slaapkamer? Is het de eettafel, waar gegeten en gepraat, gelezen en gelachen wordt. Diethuis neigt naar de eettafel, maar komt er niet helemaal uit voor zichzelf.

Of is de computer het nieuwe hart van het huis, waar u met de hele wereld in contact staat?

Wordt het hart van het huis gevormd door de boekenkast, waar allerlei schrijvers naast elkaar staan en daardoor in zekere zin in gesprek raken, waar ze met hun verhalen en ideeën het leven in huis beïnvloeden?

Of heeft het hart van het huis een wisselende plaats, is het mobiel? Is het daar waar de laptop deze keer staat, waar de smartphone nu toevallig ligt?

Of heeft het huis helemaal geen hart meer?

Er is een verwante vraag te stellen: Heeft een huis een religieus / spiritueel / geestelijk centrum, een heilige plaats? Dat is een plek om je af te stemmen op een religieuze dimensie, om je geestelijk te laten voeden, om in te keren tot jezelf.

Is dat de wand waar familiefoto’s aan de muur hangen? Is het de plank of het tafeltje waar de Bijbel, een bijbelse dagboekje, het Liedboek of gedichtenbundeltjes een plaats hebben gekregen? Is het het foto-album? Of een ikoon aan de muur? Is het de belijdeniskaart? Is het een spreuk of levensmotto op een bordje? Vormen enkele voorwerpen van uw (groot)ouders dat centrum, als verbinding met de familietraditie? Of is de rand van het bed de beste plek van gebed? Of ligt het spirituele centrum net buiten de woning, in de tuin?

Is er wel zo’n religieus centrum in huis? Of ontbreekt een heilige plaats? Is die helemaal niet nodig, omdat u overal kunt geloven?

En valt het religieuze centrum samen met het bovengenoemde (sociale) hart, of zijn het twee aparte polen, die elkaar misschien versterken?

Het lijkt me op z’n minst nuttig om deze vragen te stellen:

Heeft het huis waar ik woon een hart, en heeft het ook een religieus centrum?

Als zo’n plek ontbreekt, heeft het zin om zo’n plek te kiezen, of te creëren?

Kan het inrichten van een heilig plekje helpen om geconcentreerder, bewuster met geloof bezig te zijn?

Tussen het schoonmaken door in diverse vertrekken, zijn zulke gedachten wellicht eens te overdenken.

A. Bruin