Artikelindex

LANG NA DE OORLOG

Als deze Voetstappen in de bus valt, is het 5 mei of kort daarop. De boeken en films over

de Tweede Wereldoorlog zijn er allemaal nog, maar het aantal overlevenden wordt minder. Daar sluit het gedicht ‘Einde en begin’ (1993) bij aan, van de Poolse dichteres Wisława (uitspraak: Wiswawa) Szymborska (1923-2012), waarvan hieronder een deel staat afgedrukt:

Na elke oorlog

moet iemand opruimen.

Min of meer netjes

wordt het tenslotte niet vanzelf.

Iemand moet het puin

aan de kant schuiven

zodat de vrachtwagens met lijken

door kunnen rijden…

Iemand moet een balk aanslepen

om de muur te stutten,

iemand het glas in het raam zetten,

de deur in de hengsels tillen…

Met een bezem in de hand

vertelt iemand nog hoe het was.

Iemand luistert en knikt

met een nog niet afgekletst hoofd.

Maar om hen heen

duiken al gauw lieden op

die het begint te vervelen…

Zij die wisten

waarom het hier ging,

moeten wijken voor hen

die weinig weten.

En minder dan weinig.

En tenslotte zo goed als niets…

In het gedicht verflauwt de herinnering aan de feiten van de oorlog, vermindert de interesse, en vervaagt de kennis.

“Zij die wisten waarom het hier ging”: Dat lees ik niet als kennis van oorlogshandelingen, maar als kennis van dat waarvoor gevochten werd, wat voor ‘geestelijke’ strijd gaande was. Dat het ging om een strijd tegen een regiem, dat onderdanen verbood om te zijn wie je bent (als jood of anderszins), om zelf na te denken, je gedachten en gevoelens vrij te uiten.

De Tweede Wereldoorlog en de bevrijding in het heden ‘gedenken’ (als bijbelse term) is nodig om alert te blijven tegen uiteenlopende nieuwe vormen, waarin de vrijheid van groepen van mensen onder druk wordt gezet. Of zoals de 18e eeuwse joodse wijsheidsleraar,

de Ba’al Sjem Tov (de Meester met de Goede Naam), schreef:  

Vergeten leidt tot (nieuwe) ballingschap,                             

gedenken is het geheim van de verlossing.

A. Bruin