Artikelindex

DE NIEUWE KUNSTWERKEN

Op zondag 17 januari 2016 zijn twee kunstwerken van glas onthuld ter herinnering aan de fusie van 16 november 2014 (zie de foto’s op www.pghoogkerk.nl, foto-album, kerkdiensten). In elk kerkgebouw heeft één kunstwerk vervolgens een (voorlopige) plaats gekregen.

Wat hebben de kunstwerken te zeggen? Ik help u een stukje op weg.

Beide kunstwerken hebben een plaatselijk accent. Het glaskunstwerk met water en vissen laat stromen water zien. Dit is te zien als weergave van het Hoendiep dat oost-west door Hoogkerk stroomt. Het kunstwerk met korenaren en schoven verwijst naar vroegere landbouwgrond aan de zuidkant van Hoogkerk, waar graan verbouwd werd.

Het glaskunstwerk in Elim met de drie vissen boven elkaar verwijst naar de windvaan op de dakruiter van de Olle Kerk. De afbeelding met de korenaren in De Olle Kerk zet een denkbeeldige lijn uit naar de landbouwgrond ten zuiden van het Hoendiep. Elk kunstwerk op de huidige plaats brengt qua richting dus een koppeling aan met het andere kerkgebouw.

Water en koren (waar brood van wordt gemaakt) zijn oersymbolen van leven. Water en brood zijn eerste levensbehoeften.

Je kunt ook bijbelse symboliek verbinden met de kunstwerken.

In Genesis 1: 9 komt uit water de aarde voort. In Psalm 1: 3 zit de rechtvaardige mens aan een beek om te drinken van het water (beeld van de Torah) en zo krachtig te worden.

In Johannes 21: 1-14 vangen de discipelen van Jezus een grote hoeveelheid vis in het meer van Tiberias en Jezus bakt de gevangen vis. In de christelijke traditie zijn brood en vis aanduidingen geworden van het Avondmaal. In Ezechiël 47: 1-12 ziet de profeet een toekomstbeeld, waarbij vanuit de tempel een beek met veel vis erin het land instroomt.

In de vroege christenheid is het Griekse woord voor vis (i-ch-th-u-s), een afkorting geworden van de zin ‘Jezus Christus, zoon van God, redder’. Is dat te betrekken op de grote vis in het glaskunstwerk?

Overvloedig koren op het land is kenmerk van het beloofde land (Deut. 11: 14). Ruth leest korenaren op tussen de schoven op het veld van Boaz (Ruth 2: 15). In het vrederijk van God ruist het graan op de bergen (Psalm 72: 16). De groei van zaad tot koren is beeld van het Koninkrijk van God (Marcus 4: 28, Mattheüs 13: 8 en 23). En Jezus vergelijkt zichzelf met brood dat mensen leven geeft (Johannes 6: 35-51). Daarmee worden de korenaren, evenals de vissen, beeld van het Avondmaal.

Deze kunstwerken van Hein van de Water en Jakobine van Dömming laten, zoals u merkt, diverse betekenissen toe. U hebt de ruimte om uw eigen accenten te kiezen: iets van wat boven genoemd is of wat de kunstwerken verder in u oproepen.

Het materiaal, glas, heeft een eigen effect. Het glas laat licht door. Afhankelijk van het weer, het moment van de dag en het getijde van het jaar varieert de uitstraling van de kunstwerken. In de christelijke traditie is het licht beeld van God. Het licht breekt in glas en wordt tussen mensen doorgegeven. Het licht varieert, het geloof is in beweging en levend.

Deze twee kunstwerken zullen ons als gemeente begeleiden naar de toekomst, als voorwerpen van schoonheid, en als tekenen van de trouw van de levende God.

A. Bruin